Low impact last mile logistics vraagt om samenhang
Inzichten uit deelname Logistiek0172 aan SPRONG LILS binnen het DMI ecosysteem
Elektrificatie van voertuigen, slim gebruik van ruimte en beter benutten van data. Het zijn bekende thema’s binnen stadslogistiek. Een recente bijeenkomst van LILS maakte duidelijk dat deze onderwerpen steeds minder los van elkaar te bekijken zijn. Wie daadwerkelijk wil sturen op minder impact in de stad, moet keuzes maken in samenhang.
Namens Gemeente Alphen aan den Rijn was Logistiek0172 aanwezig bij deze bijeenkomst, die plaatsvond op donderdag 29 januari in Amersfoort. Aan tafel zaten onder meer hogescholen, universiteiten, gemeenten en logistieke partners. De deelname onderstreept dat Alphen aan den Rijn niet alleen kijkt naar individuele maatregelen, maar naar de wisselwerking tussen logistiek, ruimte, energie en gedrag. Die benadering past bij de lopende en geplande opgave in Alphen aan den Rijn, waarin gebiedsontwikkeling en logistiek steeds vaker samenkomen.
Elektrificatie raakt meer dan het voertuig
In het eerste thematische blok stond elektrificatie centraal. Niet als abstract beleidsdoel, maar vanuit de dagelijkse praktijk van logistieke bedrijven. Verschillende pitches lieten zien dat de overstap naar zero emissie voertuigen technisch vaak haalbaar is, zeker wanneer het om één of enkele voertuigen gaat.
De uitdaging ontstaat bij opschaling. Dan spelen laadinfrastructuur, netcapaciteit, energieopslag en ritplanning tegelijk een rol. Elektrificatie blijkt daarmee geen voertuigvraagstuk, maar een bedrijfsbrede afweging. Dit inzicht is relevant voor gemeenten, omdat keuzes over ruimte, netaansluitingen en gebiedsontwikkeling direct bepalen wat bedrijven wel en niet kunnen. Tegelijkertijd is hier een kritische noot op zijn plaats. Zonder tijdige afstemming met ondernemers dreigt elektrificatie te blijven steken in pilots, terwijl structurele groei uitblijft.
Ruimte en gedrag bepalen de impact op straat
Het tweede blok ging over ruimte en gedrag. De rode draad was dat logistiek nog te vaak te laat wordt meegenomen in ruimtelijke plannen. Onderzoekers presenteerden modellen die inzicht geven in de benodigde ruimte voor laden en lossen, bezorging en hubs, al in een vroeg stadium van gebiedsontwikkeling.
Daarnaast kwam gedrag nadrukkelijk aan bod. Niet alleen dat van chauffeurs, maar ook van planners, inkopers, ondernemers en ontvangers. Individuele keuzes zijn begrijpelijk, maar leiden op straatniveau vaak tot extra druk. De conclusie was helder. Zonder aandacht voor gedrag en samenwerking blijven technische oplossingen beperkt effectief. De vraag die blijft hangen is of gemeenten bereid zijn om hier ook daadwerkelijk op te sturen, bijvoorbeeld via afspraken in gebiedsontwikkeling en aanbestedingen.
Data helpt pas als je weet waarop je wilt sturen
In het derde blok stond digitalisering en data centraal. Er zijn steeds meer databronnen beschikbaar om goederenstromen en voertuigbewegingen inzichtelijk te maken. Die data kan gemeenten helpen bij beter onderbouwde keuzes over beleid en inrichting van de stad.
Tegelijkertijd werd benadrukt dat data geen doel op zich is. Zonder duidelijke beleidsvragen en concrete toepassingen blijft dataverzameling vrijblijvend. De waarde zit in het combineren van inzichten en het vertalen naar keuzes die merkbaar zijn in de praktijk. Dit vraagt om scherpte. Welke beslissingen wil je nemen en welke data heb je daar echt voor nodig.
Van kennis naar toepassing in Alphen aan den Rijn
De betrokkenheid van Gemeente Alphen aan den Rijn bij LILS laat zien dat stadslogistiek wordt benaderd als een samenhangend vraagstuk. Niet alleen gericht op schonere voertuigen, maar ook op ruimtegebruik, energie en samenwerking met ondernemers. Concreet betekent dit dat Logistiek0172 binnen Alphen aan den Rijn in gesprek is met partijen die hieraan willen meewerken. Juist nu, met een forse ver bouwopgave, is het moment om logistiek structureel mee te nemen in plannen en keuzes.
Voor Logistiek0172 sluit dit aan bij de dagelijkse praktijk. Ondernemers zoeken duidelijkheid, haalbaarheid en perspectief. Onderzoek en data kunnen daarbij helpen, mits ze worden vertaald naar concrete stappen en de lokale context van Alphen aan den Rijn. Tegelijkertijd vraagt dit om realisme. Niet elke oplossing past overal en niet elke ondernemer kan in hetzelfde tempo mee.
Over LILS
De SPRONG groep LILS bestaat uit een samenwerking van hogescholen, universiteiten, gemeenten en logistieke partners die zich richten op het verminderen van de impact van logistiek in de last mile. Het consortium omvat onder meer Breda University of Applied Sciences, Hogeschool Rotterdam, Hogeschool van Amsterdam, HAN, Rijksuniversiteit Groningen, Radboud Universiteit en de Vrije Universiteit Brussel, aangevuld met partijen als TNO, evofenedex, TLN, Provincie Gelderland en gemeenten.
Binnen LILS wordt gewerkt aan drie samenhangende thema’s. Oplossingen in schaarse ruimte, gedragsverandering bij bedrijven en consumenten, en kansen door digitalisering en data. Het doel is niet alleen kennisdeling, maar het ontwikkelen van toepasbare inzichten die bijdragen aan een leefbare stad.
De bijeenkomst in Amersfoort maakte duidelijk dat oplossingen niet uit één hoek komen. Pas wanneer beleid, praktijk en kennis elkaar versterken, ontstaat stadslogistiek met daadwerkelijk minder impact. De open vraag is nu hoe snel deze inzichten worden vertaald naar concrete keuzes op lokaal niveau.



