Meten wat er rijdt: waarom data steeds belangrijker wordt voor slimme stadslogistiek
Zero emissiezones veranderen de manier waarop steden omgaan met logistiek. Sinds 1 januari 2025 hebben de eerste gemeenten in Nederland een zero emissiezone ingevoerd voor bestel en vrachtverkeer. De komende jaren sluiten meer gemeenten aan en gaan meer voertuigen onder de toegangsregels vallen.
Ook in Alphen aan den Rijn wordt vanaf 1 juli 2026 een zero emissiezone ingevoerd. Voor ondernemers betekent dat vooral dat zij moeten nadenken over hun vervoer. Welke voertuigen mogen straks nog de zone in? Wanneer is elektrisch rijden een logische stap? En hoe organiseer je leveringen slimmer? Maar er speelt nog iets anders. Gemeenten krijgen steeds meer behoefte aan inzicht. Want als je stadslogistiek slimmer wilt organiseren, moet je eerst weten wat er eigenlijk rijdt.
Van handhaven naar begrijpen
Bij zero emissiezones wordt vaak gedacht aan regels, camera’s en handhaving. Toch is dat maar een deel van het verhaal. Monitoring van zero emissiezones helpt gemeenten namelijk ook om beter te begrijpen hoe logistieke stromen zich ontwikkelen. Welke voertuigen rijden de stad in? Welke emissieklassen verdwijnen langzaam uit het straatbeeld? Neemt het aantal schone voertuigen inderdaad toe? En op welke plekken is extra aandacht nodig?
Tijdens een landelijke kennissessie over datagedreven monitoring van zero emissiezones werd duidelijk dat steeds meer gemeenten hiermee aan de slag gaan. Daarbij wordt onder meer gekeken naar voertuigdata, vrijstellingen, waarschuwingsbrieven, boetes en verkeersbewegingen in en rond de zones. Het doel is niet om individuele ondernemers te volgen. De data wordt juist op hoofdlijnen gebruikt om trends zichtbaar te maken.
Beter beleid door beter inzicht
Die inzichten zijn waardevol. Ze laten bijvoorbeeld zien of oude dieselvoertuigen daadwerkelijk verdwijnen en of ondernemers overstappen op schonere alternatieven. Ook wordt duidelijk waar de regels goed worden nageleefd en waar extra communicatie of ondersteuning nodig is.
De gemeente Tilburg liet tijdens de kennissessie zien hoe monitoring in de praktijk werkt. Daar worden gegevens gebruikt om te zien hoeveel voertuigen de zero emissiezone inrijden, waar ze vandaan komen en waar overtredingen plaatsvinden. Die informatie helpt de gemeente om beleid gerichter te maken. Dat is ook voor andere gemeenten interessant. Want stadslogistiek verandert niet alleen door regels op papier, maar vooral door wat er in de praktijk gebeurt.
Wat betekent dit voor ondernemers?
Voor ondernemers betekent deze ontwikkeling vooral dat stadslogistiek steeds minder op gevoel wordt georganiseerd. Data maakt zichtbaar waar knelpunten zitten, waar kansen liggen en welke maatregelen effect hebben. Dat kan uiteindelijk ook helpen om ondernemers beter te ondersteunen. Als een gemeente weet welke sectoren, routes of voertuigtypen extra aandacht vragen, kan communicatie gerichter worden ingezet. Ook kan beter worden nagedacht over laadvoorzieningen, venstertijden, bundeling van leveringen en alternatieve vormen van vervoer. Daarmee wordt monitoring meer dan een controle instrument. Het wordt een hulpmiddel om de overgang naar schonere en slimmere stadslogistiek beter te begeleiden.
Ook bestelauto’s beter in beeld
Een belangrijk aandachtspunt blijft het bestelverkeer. Juist bestelauto’s spelen een grote rol in de stadslogistiek, maar daarover is nog niet altijd voldoende gedetailleerde informatie beschikbaar. Daarom wordt landelijk gewerkt aan pilots waarbij bedrijven vrijwillig ritdata delen. Daarmee ontstaat beter inzicht in het gebruik van bestelauto’s. Denk aan routes, afstanden, laad en losmomenten en het type ritten dat wordt gemaakt. Voor gemeenten is die informatie waardevol. Niet om individuele bedrijven te controleren, maar om beter te begrijpen hoe de logistiek in de stad werkt. Dat helpt bij het maken van beleid dat aansluit op de dagelijkse praktijk van ondernemers.
Slimme stadslogistiek vraagt om samenwerking
De belangrijkste conclusie is duidelijk: zero emissiezones zijn geen doel op zich. Ze zijn onderdeel van een bredere verandering richting schonere en efficiëntere stadslogistiek. Daarvoor is samenwerking nodig tussen gemeenten, ondernemers, vervoerders en kennispartners. Data kan daarbij helpen, maar alleen als de inzichten worden vertaald naar praktische keuzes.
Voor Logistiek0172 is dat precies waar de uitdaging ligt. Hoe zorgen we ervoor dat ondernemers op tijd weten wat er verandert? Hoe maken we de overstap haalbaar? En hoe gebruiken we de komst van de zero emissiezone om logistiek slimmer te organiseren? Want uiteindelijk gaat het niet alleen om de vraag welke voertuigen straks de stad in mogen. Het gaat ook om de vraag hoe we samen zorgen voor minder onnodige ritten, schonere voertuigen en een beter bereikbare binnenstad.
Ondernemers die willen weten wat de zero emissiezone voor hun bedrijf betekent, kunnen terecht bij de logistiek adviseur van Logistiek0172. Die denkt gratis mee over voertuigen, laadmogelijkheden, regelingen en slimme logistieke oplossingen.
Bron: DMI-ECOSYSTEEM



